Aan het woord: Wieke van der Zouwen

Er zijn mensen die het podium opzoeken om hun verhaal te vertellen. Dat ben ik niet. Ik zoek het podium op om jouw verhaal boven tafel te krijgen. En dat van die boer drie rijen verderop. En dat van de wethouder die eigenlijk al een halfuur iets wil zeggen maar steeds net niet durft.

‘‘Ik ben dagvoorzitter en moderator. En ik heb het mooiste vak dat er is’’.

Het begon met een overtuiging

Laat ik eerlijk zijn: ik doe dit werk niet omdat ik toevallig goed ben in mensen aan het woord laten. Ik doe dit omdat ik ergens in geloof. Diep, eigenwijs, en met beide voeten in de klei.

Ik geloof in een circulaire samenleving. Niet als hip buzzword op een subsidieaanvraag, maar als een fundamenteel andere manier van samenleven. Eentje waarin we stoppen met verspillen en beginnen met waarderen. Waarin samenwerking het wint van concurrentie. Waarin we grondstoffen, voedsel en elkaar anders behandelen — beter.

En ik geloof in een voedseltransitie. Een verschuiving naar een voedselsysteem dat gezonder is, betaalbaarder, en rechtvaardig — voor mensen én dieren. Dat is geen thema voor een nichefestival. Dat raakt boeren, retailers, logistieke ketens, beleidsmakers en uiteindelijk iedereen die vandaag nog iets gegeten heeft. Dus ja: jou ook.

Die overtuiging drijft mijn werk. Niet als activisme op het podium, maar als kompas achter de schermen.

Wat ik eigenlijk doe (en waarom het werkt)

Een goede dagvoorzitter is een beetje onzichtbaar. Ik zorg voor structuur, voor tempo, voor de juiste vraag op het juiste moment. Ik vat samen als het nodig is, verbind perspectieven die los van elkaar rondzweven, en zorg dat mooie woorden ook ergens toe leiden.

Maar het allerbelangrijkste? Ik maak het veilig genoeg om eerlijk te zijn — en scherp genoeg om het ergens over te laten gaan. Dat klinkt misschien als een tegenstelling. Dat is het niet. Sterker nog: dat is precies waar de magie zit. Een zaal die zich veilig voelt, durft meer. En een gesprek dat scherpte heeft, levert meer op.

Oh, en er wordt gelachen. Niet omdat ik moppen tap — maar omdat mijn brein nu eenmaal sneller associeert dan handig is. Er floept iets uit, een opmerking die net de spanning breekt, en opeens is de zaal een stukje losser. Dat is geen techniek, dat is gewoon hoe ik in elkaar zit. Maar het hélpt wel. Want mensen die lachen, laten hun garde zakken. En een directeur die even grinnikt, is een directeur die zichzelf durft te zijn. Dáár — precies dáár — ontstaan de gesprekken die ertoe doen.

Mijn favoriete publiek? Iedereen door elkaar.

Geef mij een zaal met boeren én bestuurders. Innovatieve start-ups én familiebedrijven van drie generaties. Beleidsmakers én praktijkmensen. Mensen die elkaar nodig hebben maar niet dezelfde taal spreken.

Die dynamiek vind ik geweldig. De verschillen in tempo, in belangen, in wereldbeeld. Juist daar kan ik als moderator iets toevoegen: vertragen waar het te snel gaat, versnellen waar het kan, en altijd die rode draad vasthouden — ook als de zaal even alle kanten op wil.

Ik hou ervan als het schuurt. Zolang het respectvol blijft.

Wat ik heb geleerd

Door de jaren heen heb ik drie dingen ontdekt die mijn werk fundamenteel beter hebben gemaakt.

De eerste: voorbereiding is álles. De beste moderatie begint niet op het podium, maar weken ervoor. In gesprekken met sprekers, in het doorgronden van belangen, in het aanvoelen van spanningen die niet in het programma staan. Hoe meer ik snap wat er écht speelt, hoe vrijer het gesprek kan zijn.

De tweede: energie is geen luxe. Een programma kan inhoudelijk briljant zijn — zonder energie beklijft het niet. Ritme, interactie, een ad rem opmerking die de boel even losshaakt: dat is het verschil tussen "was een prima dag" en "daar heb ik nog weken over nagedacht."

En de derde: de mooiste momenten kun je niet plannen. Het zijn de momenten waarop een zaal kantelt. Wanneer partijen die vastgeroest zaten in hun eigen positie opeens gezamenlijke taal vinden. Wanneer iemand uitspreekt wat al jaren in de lucht hing. Wanneer er niet alleen geknikt wordt, maar concrete afspraken worden gemaakt.

Dan voel je: dit is waarom ik dit doe.

Mijn droompodium

Als je me vraagt naar mijn droompodium, dan is het antwoord simpel. Een bijeenkomst over circulaire samenleving of voedseltransitie. Alle schakels in de keten aanwezig — van boer tot bestuurder. En een programma dat niet stopt bij inspiratie, maar doorpakt naar actie.

Een plek waar idealen en realiteit botsen, en waar dat botsen niet eng is maar productief. Waar verschil van inzicht geen probleem is maar brandstof.

Met inhoud. Met lef. En met de wil om samen écht een stap te zetten.

Dat podium — daar word ik blij van.

Lees hier meer over Wieke

Next
Next

Aan het woord: Florine Duif